Het eerste ambtsjaar van president Trump bracht ingrijpende veranderingen met zich mee in het Amerikaanse energie- en klimaatbeleid, waarbij prioriteit werd gegeven aan fossiele brandstoffen en kernenergie, terwijl de groei van hernieuwbare energie werd afgeremd. Deze verschuivingen strekten zich uit tot buiten de binnenlandse grenzen, omdat de regering internationale inspanningen ter bestrijding van de opwarming van de aarde actief ontmoedigde.
Ontmanteling van milieuvoorschriften
De Environmental Protection Agency (EPA) heeft de milieubescherming aanzienlijk gewijzigd door meer dan een dozijn regelgeving met betrekking tot lucht- en watervervuiling en de uitstoot van broeikasgassen uit te stellen, te versoepelen of volledig te elimineren. Dit omvatte onder meer pogingen om het Clean Power Plan, ontworpen om de CO2-uitstoot van elektriciteitscentrales te beperken, te verzwakken, en om de beperkingen op methaanlekken door olie- en gasactiviteiten te versoepelen. Deze veranderingen stonden niet op zichzelf; ze maakten deel uit van een breder dereguleringspatroon dat van invloed was op verschillende milieuwaarborgen.
Fossiele brandstoffen stimuleren en beperkingen op het gebied van hernieuwbare energie
De regering promootte op agressieve wijze de productie van fossiele brandstoffen door meer boorcontracten in federale gebieden en offshore-gebieden. Tegelijkertijd werd beleid geïmplementeerd om de uitbreiding van wind- en zonne-energie te belemmeren, waaronder hogere tarieven op geïmporteerde zonnepanelen en beperkingen op de ontwikkeling van windparken. Deze beleidsrichting duidde op een duidelijke voorkeur voor traditionele energiebronnen, ondanks de groeiende bezorgdheid over de klimaatverandering en de economische levensvatbaarheid van hernieuwbare alternatieven.
Revisie bij rampenbestrijding
Ook de aanpak van de federale overheid op het gebied van rampenbestrijding werd herzien, met veranderingen die volgens critici de effectiviteit van de milieubescherming tijdens noodsituaties verminderden. Regelgeving die milieubeoordelingen vereist voordat infrastructuurprojecten worden uitgevoerd, werd gestroomlijnd, waardoor de ontwikkeling mogelijk werd versneld, maar ook de risico’s voor kwetsbare ecosystemen groter werden.
Internationale druk
De Amerikaanse regering oefende druk uit op andere landen om hun klimaatverplichtingen op te geven, met name door zich terug te trekken uit de Overeenkomst van Parijs en te pleiten voor verminderde internationale samenwerking op het gebied van klimaatactie. Dit standpunt isoleerde de VS van mondiale inspanningen om de klimaatverandering aan te pakken, wat vragen oproept over de langetermijngevolgen voor de internationale betrekkingen en de duurzaamheid van het milieu.
Deze beleidsverschuivingen vertegenwoordigen een fundamentele afwijking van de benaderingen van energie en klimaat van eerdere regeringen, en duiden op een langetermijnengagement om de belangen van fossiele brandstoffen voorrang te geven boven milieubescherming. De impact van deze veranderingen zal waarschijnlijk nog jaren voelbaar zijn, zowel nationaal als mondiaal.



























